Geschiedenis

GESCHIEDENIS
RUIM HONDERD JAREN VERENIGING

In 1881 ontstond de eerste drankwet. Er was toen sprake van een enorm drankmisbruik onder de arbeidersklasse. Een van de oorzaken hiervan was de slechte omstandigheden, waarin de arbeidersklasse leefde. De drankwet was gericht tegen de bestrijding van openbare dronkenschap, een veel voorkomend verschijnsel in die dagen. Omdat de wetgever redeneerde, hoe minder kroegen hoe beter, voerde hij het zogenaamde maximumstelsel in. Daarbij werd het aantal zaken waar sterke drank verkocht mocht worden afhankelijk gesteld van het aantal inwoners per gemeente. Het maximumstelsel werd in 1964 bij de nieuwe Drank- en Horecawet afgeschaft.
In 1904 kwam er een nieuwe drankwet. De belangrijkste wijziging was, dat er een splitsing kwam tussen lokaliteiten voor de verkoop van sterke drank voor gebruik ter plaatse en die voor gebruik elders dan ter plaatse. Er kwam een splitsing in tap- en slijtvergunningen.
De slijterij was geboren. De oorzaak van de splitsing lag in het feit dat de wetgever vond dat iemand die sterke drank wilde kopen daarvoor niet persé een café behoefde te bezoeken, waar volgens de wetgever niet altijd de meest ‘fraaie praat’ werd gesproken. Met de drankwet van 1904 kreeg de slijterij dus een wettelijke basis. De tap-lokaliteiten kregen een vergunning A, de slijterijen een vergunning B.
De slijters kregen een aparte status met de drankwet van 1904. Hun positie dienden zij voortaan te verdedigen tegen de caféhouders met vergunning A. Met het oog hierop stak een aantal Amsterdamse slijters in 1905 de hoofden bij elkaar. Op 31 oktober 1905 werd de Nederlandse Bond van Slijters in Gedistilleerd, Wijn en andere Dranken opgericht om de slijtersbelangen te behartigen. In oorsprong bestond de bond alleen uit een afdeling Amsterdam, maar groeide al snel uit over heel Nederland.
Het toenmalige vergunningenstelsel hield het gevaar in dat een vergunning kon uitsterven. De vergunning stond namelijk op naam van één persoon en kon slechts éénmaal op nabestaanden worden overgeschreven.
Wanneer door overlijden van de eigenaar een slijterij haar vergunning had verloren omdat deze al een keer was overgeschreven, konden de nabestaanden het bedrijf alleen maar voortzetten indien ze kans zagen een vergunning van een ander te huren of, als ze erin slaagden, een vervanger te vinden die over een vergunning beschikte. De ondernemer moest niet alleen dik betalen voor deze vervanger, hij werd bovendien zodanig afhankelijk van de vergunninghouder dat dit scheve verhoudingen veroorzaakte. De vergunninghouder kon immers dreigen de vergunning aan een ander te verhuren. Een dreigement dat gemakkelijk kon worden gehanteerd omdat de vraag naar vervangingscontracten steeds groter werd.
In 1931 kwam er opnieuw een nieuwe drankwet. Ondanks acties om de verkoop van wijn en bier uitsluitend via de slijterij te laten lopen, ging dit niet door en bleef de verkoop hiervan volkomen vrij.

In 1953 werd een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de Verenigde Katholieke Slijters, een zelfstandige afdeling van de Nederlandse Katholieke Bond van Hotel-, Café-, Restauranthouders en Slijters, gevestigd te Rotterdam. De besturen van beide verenigingen werkten voortaan samen in federatieve vorm. Deze federatie kreeg de naam Federatie van Slijtersorganisaties in Gedistilleerd, Wijn en andere Dranken. De federatie hield kantoor in Den Haag. Secretaris hiervan is jarenlang geweest de bekende mr. Piere Leinarts.
De federatie besprak plannen, initiatieven en acties, die van algemeen belang waren voor de Nederlandse slijters. Het slijtersvakblad, dat tot dan toe door de Nederlandse Bond van Slijters werd uitgegeven, werd voortaan door de federatie uitgegeven.
Op 9 mei 1972 kwam tot stand de formele fusie van de Nederlandse Bond van Slijters in Gedistilleerd, Wijn en andere Dranken met de Verenigde Katholieke Slijters. De Verenigde Katholieke Slijters vormde een zelfstandige afdeling van de Nederlandse Katholieke Bond van Hotel-, Café-, Restauranthouders en Slijters, gevestigd te Rotterdam. De vereniging kreeg als nieuwe naam: de Verenigde Nederlandse Slijters in gedistilleerd en andere dranken (VNS). Deze fusie is nog steeds een mijlpaal in de geschiedenis van de Nederlandse slijters en de kroon op het werk van de samenwerking tussen de beide organisaties.

Sedert de fusie zijn volgende personen, in chronologische volgorde vermeld, voorzitter geweest:
1. Jo Noord †
2. Dick Biesheuvel
3. Jan van Bilsen †
4. Dies de Munck †
5. Johan van Elburg †
6. Gijs van Bilsen
7. Miranda Korendijk-Logt
8. Ron Andes

Tot 20 augustus 1984 werd slechts gesproken over slijters, maar omdat de rol van wijn in het productenpakket van de slijter steeds belangrijker werd, werd besloten per genoemde datum de W toe te voegen aan de naam van de organisatie: Verenigde Nederlandse Slijters-Wijnhandelaren.
Per 7 juni 1999 werd de naam van de vereniging opnieuw gewijzigd, ditmaal in SlijtersUnie. Reden hiervoor was de wens tot betere herkenbaarheid van de organisatie naar de buitenwereld. De bekendheid van de afkorting VNSW onder niet-slijters liet te wensen over. De korte en bondige aanduiding SlijtersUnie leverde een vlag op die de lading dekte. Bovendien leverde deze naam, in tegenstelling tot de daaraan voorafgaande, een geringer risico tot (onbegrijpelijke) afkorting op. Gelijktijdig met de naamswijziging heeft de vereniging een nieuw logo gekregen met een eigentijdse frisse uitstraling.
Na de modernisering van de naam was het tijd om ook de organisatie zelf te moderniseren. De getrapte verenigingstructuur dateerde immers al vanaf 1905 en voldeed niet meer aan de eisen van de tijd.
Op de jaarvergadering van 2001 werd gebroken met het systeem van districten en kiesmannen en werd ingestemd met een radicale statutenwijziging, die inhield dat leden voortaan zelf rechtstreeks stemrecht op de jaarvergadering hadden. Tot dan hadden leden slechts stemrecht op de districtsvergaderingen, waar kiesmannen konden worden gekozen, die op hun beurt weer stemrecht hadden op de algemene ledenvergadering. Met een nieuwe organisatiestructuur, een nieuwe naam en een nieuw logo was de SlijtersUnie klaar voor het nieuwe millennium. Met ingang van 12 juni 2006, na meer dan honderd jaar SlijtersUnie, mocht de vereniging zich bovendien Koninklijk noemen.
Met ingang van 1 januari 2013 werd een wijziging van de Drank- en Horecawet van kracht op grond waarvan het proeven in de slijterij mogelijk werd. Sedert 1904 was dat niet meer mogelijk. Een jaar later, met ingang van 2014 werd opnieuw een ingrijpende wijziging doorgevoerd, namelijk ten aanzien van de leeftijdsgrenzen voor alcoholhoudende dranken. Zie hiervoor:
http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/alcohol/vraag-en-antwoord/vanaf-welke-leeftijd-mag-ik-alcohol-kopen-of-bij-me-hebben-in-het-openbaar.html